Michichi: succesvol pachter (1918-1926)

De voorzienigheid bracht hem ver weg uit zijn vaderland om daar te gaan werken, maar nog veel meer om daar op haast wonderbare wijze een levensgezellin te vinden (aldus het herdenkingsprentje vele jaren later). Bart trouwt op 9 mei in Calgary met de Tilburgse Liza de Beer die hij in Canada heeft leren kennen. Hij zal bijna 45 jaar met haar getrouwd zijn. De jonggehuwden (hij 42, zij 33 jaar oud)  gaan samen wonen op de boerderij van zijn Nederlandse buurman Joe Cramer, waarover Bart in 1918 het tijdelijk beheer krijgt. Cramer is gevraagd voor een prestigieuze klus in dienst van de overheid die hem een paar jaar van huis houdt. Samen met zijn eigen perceel heeft Bart dan 259 hectare onder zijn hoede. De informatie over deze periode hebben we niet van Bart zelf, maar is te lezen in het boek uit 1970 “A history of the people of Michichi” waarin nakomelingen van de pioniers vertellen over hoe hun ouders en grootouders de streek hebben ontwikkeld.

Eind 1918 huurt Bart ook de boerderij met 195 ha. van de Schotse familie Murdoch. Het gaat ook hier om een kort contract. De Murdochs geven het boeren op en gaan in Michichi de plaatselijke supermarkt annex smederij runnen. In 1920 werkt Bart nauw samen met de inmiddels weer teruggekeerde Joe Cramer, die dan een bedrijf van ruim 500 hectare langs de Michichikreek bij elkaar heeft gekocht. Deze mannen zijn duidelijk niet bang om zich een hoop werk op de hals te halen. De arbeid was zijn lust en zijn leven, het was voor hem geen straf doch een echte vreugde en een ware levensbehoefte (aldus het herdenkingsprentje).

In het najaar van 1920 vertrekken Bart en zijn vrouw definitief uit Munson en pachten de boerderij van Jim Murray, ruim 500 hectare, stroomopwaarts langs de Michichi-kreek, 3 mijl ten noorden van het gelijknamige plaatsje. Hier zullen Bart en Liza 6 jaar blijven, tot hun terugkeer naar Brabant. De homestead in Munson wordt verkocht. Er is een brief uit 1921 bewaard gebleven. Daarin wordt verteld dat ze een boerderij hebben met koeien en paarden en dat ze 55 hectare akkerland ploegen.

De oogst is in 1921 niet goed en de prijs is laag, dus het eerste jaar op hun nieuwe pachtboerderij verliep moeizaam. In een volgende brief uit 1925 wordt echter gemeld dat de oogsten in 1924 en 1925 goed waren. Ook de prijs was in 1924 heel goed geweest. Omdat de winter echter nu te vroeg is ingevallen is het nog niet gelukt alle graan te dorsen. Daarom kan het plan om de winter in Holland door te brengen niet doorgaan. Ook de laatste brief uit 1926 maakt melding van een goede oogst

Bart (achteraan met hoed) en Liza poseren (waarschijnlijk) voor hun huis in Michichi.

Eind 1926 loopt de pachtperiode af. De eigenaar van de farm, Jim Murray, heeft een vrouw gevonden en wil met haar op zijn bezit een gezin stichten. Bart en Liza moeten dus op zoek naar een nieuwe plek. Ondanks goede aanbiedingen om andere boerderijen te pachten valt het besluit terug te keren naar Nederland. Als de oogst is verwerkt en de machines en inboedel verkocht vertrekken ze voorgoed uit Canada. In december zijn ze terug in Brabant. De scheepskist waarmee ze terugkeerden is er nog en wordt bewaard bij zijn achterneef in Batenburg.

Jim Murray neemt zijn eigen farm weer over. In het bovengenoemde boek vertelt de vrouw van Jim dat ze het eenvoudige huis hebben opgeknapt en er bomen omheen hebben geplant en dat ze er vier kinderen hebben gekregen. Maar er hangt onheil in de lucht. Droogte en zandstormen zorgen voor misoogsten. In de grote depressie van de dertiger jaren die volgt kelderen de prijzen van de landbouwproducten en dit leidt tot grote armoede. Op een kwade dag in de herfst na weer een mislukte oogst vertrekt Jim Murray naar Drumheller en verdwijnt eenvoudig van de aardbodem. Zijn vrouw blijft achter met de vier kinderen en verlaat noodgedwongen de farm.
Bart en Liza hadden het juiste moment gekozen om naar Brabant terug te gaan.

Vervolg: Epiloog: rentenier in Brabant (1926-1964)