Het gezin van Sjaak Kolen en Cornelia Maas

Van het huwelijksjaar 1875 tot de dood van Sjaak in 1933

rechts Sjaak Kolen, links zijn zoon Willem, daartussen de meid, voor de boerderij in de Hasselt ca. 1910.

Als Sjaak Kolen en Cor Maas in 1875 trouwen gaan ze wonen in de boerderij van Kolen in de Hasselt. Pa en Ma Kolen wonen er ook nog en een broer en een zus van Sjaak. Het is voor die tijd een flinke boerderij. Waarschijnlijk werkt iedereen mee op het bedrijf: zwager Frans Verhoeven, zus Petronella de “kwezel”, en broer Adriaan. In de winter werkt Sjaak ook als wever, een combinatie van beroepen die heel normaal was in die tijd. Er zijn geen aanwijzingen meer dat de familie als koopman of handelaar in wol en lakens optreedt. Die tijd is dus voorbij voor onze tak van de familie Kolen.

Als in 1884 allebei de ouders Kolen zijn overleden en de erfenis wordt verdeeld woont alleen nog het gezin van Sjaak en Cor op de boerderij. Ze hebben inmiddels vier zonen die natuurlijk als ze opgroeien alle vier op het bedrijf de handen uit de mouwen moeten steken. Door de boedelverdeling over drie partijen wordt het bedrijf bescheidener van omvang. Wel wordt door onderlinge ruiling en verkoop geprobeerd de grond zoveel mogelijk  in eigen hand te houden. Daarbij zal geholpen hebben dat Sjaak Kolen en zijn zwager en buurman Frans Verhoeven waarschijnlijk de min of meer ongedeelde boerderij samen bewerkten. Alleen de kwezel Petronella onttrok haar erfenis uit het bedrijf.

Toch zet in deze periode een langzame neergang in. De opbouw die we zagen in de vorige periode zet niet door. Moeder Cor komt al in 1898 te overlijden. Haar jongste zoon is dan 17 en de oudste 22. Ondanks de dus rijkelijk aanwezige arbeidskracht komt het bedrijf niet meer  vooruit. De tijden zijn veranderd. Er valt in de landbouw geen droog brood meer te verdienen. De oudste zoon Bart emigreert naar Canada. Hij trouwt daar, maakt er fortuin, maar blijft kinderloos.

De zonen Willem en Joan blijven met hun vader op de boerderij wonen en trouwen nooit. Ze kunnen niet zo goed samenwerken en gaan ieder zo hun eigen gang. Gaandeweg wordt ook duidelijk dat de stad steeds dichterbij komt en het uiteindelijk zal winnen. Het bedrijf komt aan de rand van de stad te liggen. Het Wilheminakanaal wordt gegraven dwars over de percelen zodat het bedrijf in tweeën wordt gesneden. Vader Sjaak overlijdt in 1933. In 1940 gaan de twee zonen ieder op zichzelf wonen en wordt de oude boerderij gesloopt om plaats te maken voor de Ringbaan Noord.

Gelukkig voor de familiegeschiedenis was er nog een zoon, Tiest, die trouwde en wel kinderen kreeg. Omdat zijn broers en zijn vader op de ouderlijke boerderij woonden moest hij elders opnieuw beginnen. Dat verhaal wordt in het volgende hoofdstuk verteld.