Info bij: Noud Kolen

Noud Kolen overleed op 28 augustus 2006.
Hier is te tekst die op zijn begrafenis werd uitgesproken.
 

 

Onze Pa is 88 jaar geworden. Waar hij ging liet hij een spoor na van gelukkige momenten. Voor de drie vrouwen in zijn leven was hij de zon is huis, liefdevol, opgewekt en toegewijd. Voor zijn zoons en dierbaren was hij een anker in het leven. Hij was er als het nodig was maar leefde zijn eigen leven en liet de anderen het hunne.

In de vijftiger jaren hadden Toos en hij het met hun drie kleine kinderen niet breed. Maar wij, die kinderen, herinneren ons alleen een gelukkige jeugd, ingebed in het Tilburgse Rijke Roomsche Leven. Zondags fietsen door Brabant, naar Giersbergen of Drimmelen. En dan ging het regenen en schuilden we onder hooi-oppers. Naar de bossen op woensdagmiddag, hutten bouwen en bomen klimmen. En altijd op gehoorafstand het heldere, klinkende geluid van zijn snoeimes. Een veilige, stoere vader die de zak met de mastappels voor de aanmaak stevig op de fiets bond als we moegespeeld  naar huis gingen. Daar wachtte dan ons moeder bij de driegaatskachel of aan de naaimachine, en aten we speklappen en dikke boterhammen. Een mooie, Brabantse jeugd.
 
Het was een wreed lot dat Toos, ons moeder, na een zwaar ziekbed aan kanker moest sterven. Hij verzorgde haar thuis tot het laatst. Hartverscheurend was het toen met zijn tweede liefde Terèse hetzelfde gebeurde. Met haar had hij tien mooie jaren beleefd. Zij was zo zichtbaar gelukkig met haar Noud. Hij bracht zijn boerenkennis in bij haar volkstuin en spitte die jaarlijks braaf om. Hij steunde haar kinderen met raad en daad. Samen trokken ze met de caravan door heel Europa, eigenzinnig, onafhankelijk. Wij, zijn zoons, hadden ondertussen ons eigen leven. Langzaamaan werden we meer kameraden van elkaar. We wisten dat we op elkaar konden rekenen maar liepen elkaars deur niet plat. Vaderdag werd nog wel eens vergeten. Hij zat in Spanje of wij waren te druk met zaken die we toen erg belangrijk vonden. Geschokt waren we allemaal toen Terèse stierf. Hoe moest het nu verder met Pa ? Maar met imposante levensmoed bleek hij in staat nog eens opnieuw te beginnen, zonder wrok of bitterheid.
 
Bijna twintig jaar was hij nog met Sjan. Met haar haalde hij eindelijk de krant als een mooi voorbeeld van liefde op leeftijd. En echte liefde was het. Aandacht voor elkaar, zorgzaamheid, betrokkenheid, ruimte. Wij keken naar Pa en Sjan en dachten, verdomd, zo moet het, hij geeft ons het goede voorbeeld. Samen ouder worden, elkaars hebbelijkheden accepteren, kibbelen en dan een appeltje schillen voor elkaar. En zolang het kan mooie reizen maken, naar Lourdes en als dat te ver is met de Zonnebloem een reisje langs de Rijn. De wereld is overal mooi als je het maar wil zien.
 
Een betere wereld begint bij jezelf, vond hij. Je deed daarom nooit vergeefs een beroep op hem. Als onbezoldigd vakbondsbestuurder was hij jarenlang een steun voor zijn collega’s. Hij was vroeger actief in de parochie en tot voor kort vrijwilliger in de oude­renbond. Zo droeg hij zijn steentje bij. Wij weten niet beter dan dat onze Pa altijd op een of andere manier bezig was voor het algemeen belang, op zijn eigen, onnadrukkelijke manier. Hij kreeg er nooit een lintje voor en werd er niet rijk van. Hij zat er niet mee. De zolder ligt al vol met bedankjes zei hij dan.
 
Zo was Noud Kolen een echte vader voor ons, een echte man voor zijn vrouwen, een echt lid van de gemeenschap. Maar bovenal genoot hij aanstekelijk van het leven. “Ik heb nôot mee ‘n zwaor kèèr gereeje” zei hij laatst. En zo was het. Ook daarin ging hij ons voor. Pluk de dag en je kunt altijd opnieuw beginnen.
 
We zullen nog vaak met veel genegenheid aan hem terugdenken. Aan hoe hij was. Aan zijn prachtige verhalen over vroeger, over de langgevelboerderijen van zijn grootvader bij de Hasseltse Kapel en van zijn grootmoeder bij Peerke Donders, over  de platte buis kachel, over ome Jaon en zijn bijen en zijn boterschoteltje dat nooit afgewassen hoefde te worden. Verhalen over voor de oorlog, in de oorlog en na de oorlog, over de textiel en de pastoors en de patroons. Heel boeiend, persoonlijk en gedetailleerd kon hij daarover vertellen.

Want onze Pa was 100 jaar Brabant.
Onze Pa is nu af.
We zijn trots op hem.